Valuta › Euro - Pond
Talen › Nederlands • Engels • Frans • Italiaans • Spaans • Duits • Zweeds
Leveringstermijn › E-mail met licentie binnen 2 minuten geleverd
Alle sneltoetscombinaties voor PDF lezen en bewerken
100 sneltoetsen voor PDF’s lezen en bewerken: het complete overzicht
TL;DR: Met PDF-sneltoetsen kun je sneller zoeken, door pagina’s bladeren, opmerkingen toevoegen en documenten aanpassen. Dit naslagwerk bevat 100 praktische sneltoetsen: 20 voor Adobe Acrobat Reader, 20 voor Adobe Acrobat Pro, 20 voor Foxit PDF Editor, 20 voor PDF-XChange Editor en 20 voor Apple Voorvertoning.
Welke sneltoetsen gebruik je voor PDF-bestanden?
De belangrijkste PDF-sneltoetsen helpen je bij zoeken, navigeren, inzoomen, opslaan en afdrukken. In een PDF-editor komen daar opdrachten bij voor tekst, opmerkingen en paginabewerking. De combinatie die je nodig hebt, verschilt per programma en soms per actieve gereedschap.
Gebruik daarom de tabel van jouw toepassing. De 100 vermeldingen zijn verdeeld over vijf programma’s. Sommige combinaties komen in meerdere tabellen terug, omdat ze daar dezelfde of juist een andere functie hebben.
| PDF-programma | Omgeving | Nummers |
|---|---|---|
| Adobe Acrobat Reader | Desktopversie voor Windows | 1–20 |
| Adobe Acrobat Pro | Desktopversie voor Windows | 21–40 |
| Foxit PDF Editor | Desktopversie voor Windows | 41–60 |
| PDF-XChange Editor | Windows, standaardtoetsen van versie 10 | 61–80 |
| Apple Voorvertoning | Voorvertoning op macOS | 81–100 |
Een plusteken betekent dat je toetsen tegelijk indrukt. Houd bij Ctrl+F de Ctrl-toets vast en druk kort op F. Op een Mac gebruik je onder meer Command (⌘), Option (⌥) en Control (⌃). Op sommige laptops is bij functietoetsen ook Fn nodig.
Een sneltoets geeft geen extra bewerkingsrechten. De opdracht moet beschikbaar zijn in je programma en licentie. Ook de beveiliging van het PDF-bestand kan kopiëren, afdrukken of bewerken beperken.
1. Adobe Acrobat Reader: 20 sneltoetsen voor lezen en controleren
Deze combinaties gelden voor Adobe Acrobat Reader voor Windows. Reader is vooral bedoeld voor lezen, afdrukken, formulieren invullen en opmerkingen plaatsen. Voor het wijzigen van oorspronkelijke tekst of het verwijderen van pagina’s zijn aanvullende bewerkingsfuncties nodig.
Bestanden openen, bewaren en doorzoeken
| Nr. | Sneltoets | Wat doet deze sneltoets in Acrobat Reader? |
|---|---|---|
| 1 | Ctrl+O | Opent de bestandskeuze om een PDF te openen. Handig wanneer je een lokaal opgeslagen document wilt bekijken zonder het eerst via Verkenner op te zoeken. |
| 2 | Ctrl+S | Slaat toegestane wijzigingen op, zoals ingevulde formuliergegevens of opmerkingen. Dit maakt de oorspronkelijke PDF-tekst niet automatisch bewerkbaar; Reader bewaart alleen ondersteunde aanpassingen. |
| 3 | Ctrl+Shift+S | Opent Opslaan als of de bijbehorende opslagkeuze. Daarmee bewaar je bijvoorbeeld een ingevuld formulier onder een andere naam, zodat het lege origineel beschikbaar blijft. |
| 4 | Ctrl+P | Opent het afdrukvenster. Controleer het paginabereik, de schaal en de afdrukstand voordat je bevestigt, vooral bij formulieren of documenten met verschillende paginaformaten. |
| 5 | Ctrl+F | Opent zoeken binnen de huidige PDF. Zoek bijvoorbeeld een naam, bedrag of begrip; bij een scan zonder herkenbare tekst levert dit mogelijk geen resultaten op. |
| 6 | Ctrl+Shift+F | Opent de uitgebreidere zoekfunctie. Hiermee kun je, afhankelijk van de gekozen zoeklocatie, uitgebreider zoeken dan met het compacte zoekveld voor één document. |
| 7 | Ctrl+G | Gaat naar het volgende zoekresultaat nadat je een zoekopdracht hebt uitgevoerd. Je loopt zo overeenkomsten achtereenvolgens na zonder opnieuw op de zoekknoppen te klikken. |
| 8 | Shift+F3 | Gaat bij een actieve zoekopdracht naar de vorige overeenkomst. Dit helpt wanneer je een resultaat bent gepasseerd en de betreffende passage opnieuw wilt bekijken. |
| 9 | Ctrl+Shift+N | Opent Ga naar pagina. Vul een paginanummer in om rechtstreeks naar dat deel van de PDF te springen, bijvoorbeeld bij een verwijzing in een handleiding. |
| 10 | Ctrl+Page Up | Gaat naar de vorige pagina wanneer de documentweergave actief is. Je bladert daarmee gericht terug zonder afhankelijk te zijn van de hoeveelheid zichtbare inhoud. |
Door pagina’s bewegen en de weergave aanpassen
| Nr. | Sneltoets | Wat doet deze sneltoets in Acrobat Reader? |
|---|---|---|
| 11 | Ctrl+Page Down | Gaat naar de volgende pagina. Dit is prettig bij documenten die je pagina voor pagina wilt controleren, zoals offertes, rapporten of ingevulde formulieren. |
| 12 | Ctrl+Shift+Page Up | Springt naar de eerste pagina van het document. Handig om vanuit een lang rapport direct terug te keren naar het voorblad of de inhoudsopgave. |
| 13 | Ctrl+Shift+Page Down | Springt naar de laatste pagina. Gebruik dit bijvoorbeeld om een afsluitende verklaring, ondertekeningspagina of bijlage achteraan een groot PDF-bestand te bekijken. |
| 14 | Ctrl+= | Zoomt in op de documentweergave. Daarmee worden kleine letters en details beter zichtbaar; de inhoud en het oorspronkelijke paginaformaat van de PDF veranderen niet. |
| 15 | Ctrl+Minteken (-) | Zoomt uit. Je krijgt meer van de pagina in beeld, bijvoorbeeld om de volledige indeling van een formulier of een brede afbeelding te beoordelen. |
| 16 | Ctrl+0 | Past de volledige pagina in het beschikbare documentvenster. Dit geeft een overzicht van de pagina, maar kan kleine tekst minder goed leesbaar maken. |
| 17 | Ctrl+1 | Toont de PDF op 100% zoom, ook aangeduid als werkelijke grootte. Hoe groot dit fysiek op je scherm oogt, hangt mede af van scherminstellingen. |
| 18 | Ctrl+2 | Past de paginabreedte aan het venster aan. Dit is vaak prettig bij het lezen van tekstpagina’s, omdat je horizontaal minder hoeft te schuiven. |
| 19 | Ctrl+L | Schakelt de volledige schermweergave in of uit. De documentpagina krijgt meer ruimte, wat handig is voor geconcentreerd lezen of het tonen van een PDF. |
| 20 | Ctrl+C | Kopieert geselecteerde tekst of ondersteunde geselecteerde inhoud. Dit werkt alleen wanneer de inhoud selecteerbaar is en de documentbeveiliging het kopiëren ervan toestaat. |
2. Adobe Acrobat Pro: 20 sneltoetsen voor PDF-bewerking
In Acrobat Pro voor Windows werken ook de leescombinaties uit de Reader-tabel. Hieronder staan aanvullende opdrachten voor paginabewerking, gereedschappen en documentbeheer.
Voor de lettertoetsen bij gereedschappen schakel je eerst Voorkeuren → Algemeen → Sneltoetsen met één toets gebruiken om gereedschappen te openen in. Gebruik die toetsen vanuit de documentomgeving, terwijl je geen tekst invoert.
Pagina’s en documentinhoud aanpassen
| Nr. | Sneltoets | Wat doet deze sneltoets in Acrobat Pro? |
|---|---|---|
| 21 | Ctrl+Shift+I | Opent de opdracht om pagina’s uit een bestand in te voegen. Kies het bronbestand en controleer op welke positie de nieuwe pagina’s moeten verschijnen. |
| 22 | Ctrl+Shift+T | Opent het invoegen van lege pagina’s. Daarmee voeg je bijvoorbeeld een scheidingspagina of ruimte voor aanvullende informatie toe aan een bestaand PDF-document. |
| 23 | Ctrl+Shift+D | Opent de opdracht om pagina’s te verwijderen. Controleer het opgegeven bereik zorgvuldig, zodat je geen noodzakelijke bijlagen, verklaringen of ondertekende pagina’s uit het document haalt. |
| 24 | Ctrl+Shift+U | Opent het gereedschap voor leesvolgorde. Hiermee controleer en corrigeer je de volgorde waarin documentonderdelen worden aangeboden, bijvoorbeeld voor toegankelijk gebruik met ondersteunende software. |
| 25 | Shift+Y | Activeert het redactiegereedschap voor het markeren van informatie die moet worden verwijderd. Pas redacties vervolgens daadwerkelijk toe; alleen markeren verwijdert de onderliggende inhoud nog niet. |
| 26 | T | Activeert het gereedschap voor tekstbewerking wanneer de enkeltoetssneltoetsen zijn ingeschakeld. De bewerkbaarheid hangt af van de PDF, beschikbare lettertypen en eventuele benodigde tekstherkenning. |
| 27 | O | Activeert het gereedschap om objecten te bewerken. Je kunt daarmee geschikte documentobjecten selecteren; de beschikbare aanpassingen hangen af van het objecttype en de documentstructuur. |
| 28 | C | Activeert het bijsnijdgereedschap. Hiermee pas je het zichtbare paginagebied aan; bijsnijden is geen betrouwbare methode om vertrouwelijke informatie permanent uit een PDF te verwijderen. |
| 29 | L | Activeert het linkgereedschap. Gebruik dit om klikbare gebieden toe te voegen of aan te passen, bijvoorbeeld voor navigatie binnen het document of naar een website. |
| 30 | F | Activeert het tekstveldgereedschap binnen de formulierbewerking. Daarmee plaats je een invulveld waarin de ontvanger later tekst kan invoeren, bijvoorbeeld een naam of referentienummer. |
Formulieren, eigenschappen en geopende documenten beheren
| Nr. | Sneltoets | Wat doet deze sneltoets in Acrobat Pro? |
|---|---|---|
| 31 | Shift+F | Doorloopt de beschikbare formuliergereedschappen. Je wisselt bijvoorbeeld tussen tekstvelden, selectievakjes en keuzerondjes, afhankelijk van de actieve formulierbewerkingsomgeving en beschikbare functies. |
| 32 | A | Schakelt de formulierbewerking in of uit via de enkeltoetssneltoets. Gebruik dit wanneer je interactieve velden wilt maken of bestaande formulierelementen wilt aanpassen. |
| 33 | Ctrl+B | Maakt vanuit de document- of bladwijzeromgeving een bladwijzer. Hiermee voeg je een navigatiepunt toe, bijvoorbeeld voor een hoofdstuk dat lezers later snel moeten kunnen bereiken. |
| 34 | Ctrl+Z | Maakt een ondersteunde vorige bewerking ongedaan. Dit helpt bij een verkeerd verplaatst object of andere wijziging; niet iedere verwerking kan achteraf worden teruggedraaid. |
| 35 | Ctrl+Shift+Z | Voert een ongedaan gemaakte bewerking opnieuw uit, wanneer beschikbaar. Je herstelt daarmee de wijziging die je met de opdracht Ongedaan maken had teruggedraaid. |
| 36 | Ctrl+E | Toont eigenschappen voor het actieve gereedschap of de selectie. De aangeboden instellingen verschillen per context, bijvoorbeeld bij opmerkingen, tekst of andere bewerkbare onderdelen. |
| 37 | Ctrl+D | Opent Documenteigenschappen. Bekijk hier onder meer beschikbare documentgegevens, lettertypen en beveiligingsinformatie wanneer je wilt begrijpen hoe de PDF is opgebouwd of beperkt. |
| 38 | Ctrl+K | Opent de voorkeuren van Acrobat. Hier pas je toepassingsinstellingen aan, waaronder de instelling voor enkeltoetssneltoetsen die bij verschillende gereedschappen in deze tabel nodig is. |
| 39 | Ctrl+Tab | Gaat vanuit de documentomgeving naar het volgende geopende documenttabblad. In een actief deelvenster kan dezelfde combinatie juist tussen onderdelen van dat venster bewegen. |
| 40 | Ctrl+Shift+Tab | Gaat vanuit de documentomgeving naar het vorige geopende documenttabblad. Dit is handig wanneer je een bewerkte PDF regelmatig met een bronbestand vergelijkt. |
3. Foxit PDF Editor: 20 sneltoetsen voor tekst, opmerkingen en pagina’s
Deze combinaties gelden voor Foxit PDF Editor voor Windows. Ze combineren gewone documenthandelingen met opmerkingen en paginabewerking. De actieve selectie bepaalt of een opdracht op tekst, een opmerking of een pagina werkt.
Zoeken en opmerkingen toevoegen
| Nr. | Sneltoets | Wat doet deze sneltoets in Foxit PDF Editor? |
|---|---|---|
| 41 | Ctrl+O | Opent een bestand via de bestandskeuze. Selecteer de PDF die je wilt lezen of bewerken; de beschikbare bewerkingen hangen vervolgens af van de documentrechten. |
| 42 | Ctrl+S | Slaat wijzigingen in het huidige bestand op. Denk aan opmerkingen, aangepaste tekst of gewijzigde pagina’s; controleer of je het oorspronkelijke bestand wilt overschrijven. |
| 43 | Ctrl+Shift+S | Opent Opslaan als. Gebruik dit om een aangepaste versie afzonderlijk te bewaren, bijvoorbeeld met een herkenbaar versienummer of een andere naam voor de ontvanger. |
| 44 | Ctrl+F | Opent het zoeken naar tekst in de huidige PDF. Kies zo nodig aanvullende zoekcriteria, bijvoorbeeld hoofdlettergevoelig zoeken of uitsluitend volledige woorden vinden. |
| 45 | Ctrl+Shift+F | Opent het uitgebreidere zoekvenster. Dit biedt meer mogelijkheden om zoeklocaties en voorwaarden te kiezen dan de compacte zoekfunctie voor een snelle controle. |
| 46 | Ctrl+T | Opent Zoeken en vervangen voor documenttekst. Controleer iedere vervanging bij belangrijke documenten; tekst in opmerkingen, bladwijzers en formuliergegevens valt niet vanzelf onder dezelfde bewerking. |
| 47 | Ctrl+B | Voegt een bladwijzer toe. Daarmee maak je een herkenbaar navigatiepunt naar een belangrijk onderdeel, bijvoorbeeld een hoofdstuk, bijlage of specifieke passage in een rapport. |
| 48 | Ctrl+Shift+N | Activeert het gereedschap voor een notitieopmerking. Plaats de opmerking bij de relevante passage en schrijf je toelichting zonder de oorspronkelijke documenttekst te vervangen. |
| 49 | Shift+H | Activeert tekstmarkering. Je kunt selecteerbare tekst met een markeerkleur benadrukken, bijvoorbeeld bij het controleren van afspraken of het verzamelen van aandachtspunten. |
| 50 | Shift+T | Activeert de typemachinefunctie om tekst als toevoeging te plaatsen. Dit is een annotatieachtige aanvulling en verschilt van het aanpassen van oorspronkelijke tekstobjecten. |
Pagina’s samenstellen en wijzigingen controleren
| Nr. | Sneltoets | Wat doet deze sneltoets in Foxit PDF Editor? |
|---|---|---|
| 51 | Shift+P | Activeert het potloodgereedschap. Hiermee teken je vrije lijnen op de PDF, bijvoorbeeld om een gebied aan te wijzen of een visuele correctie te verduidelijken. |
| 52 | Ctrl+Shift+I | Opent het invoegen van pagina’s vanuit een bestand. Je kunt aanvullende documentpagina’s toevoegen en aangeven waar deze binnen de huidige PDF moeten verschijnen. |
| 53 | Ctrl+Shift+T | Opent het invoegen van een lege pagina. Gebruik dit bijvoorbeeld als scheidingsblad of wanneer een samengesteld document extra ruimte voor aanvullende inhoud nodig heeft. |
| 54 | Ctrl+Shift+D | Opent de opdracht om pagina’s te verwijderen. Controleer het paginabereik voordat je bevestigt, vooral bij documenten met bijlagen of een afwijkende paginanummering. |
| 55 | Ctrl+Alt+D | Opent de opdracht om pagina’s te dupliceren. Handig wanneer eenzelfde formulierpagina of indeling meerdere keren binnen het PDF-document moet worden opgenomen. |
| 56 | Ctrl+Alt+V | Plakt een gekopieerde opmerking op dezelfde positie op de doelpagina. Dit helpt om terugkerende stempels of annotaties consequent op verschillende pagina’s te plaatsen. |
| 57 | Ctrl+Z | Maakt de laatste ondersteunde actie ongedaan. Gebruik dit bijvoorbeeld na een verkeerd geplaatste opmerking; bepaalde bestandsopdrachten vallen buiten de terugdraaibare bewerkingen. |
| 58 | Ctrl+Shift+Z | Voert een ongedaan gemaakte actie opnieuw uit. Daarmee herstel je een bewerking wanneer je na het terugdraaien besluit dat de wijziging toch gewenst was. |
| 59 | Ctrl+0 | Past de hele pagina in het documentvenster. Dit geeft een bruikbaar totaalbeeld om na bewerkingen de onderlinge plaatsing van tekst, afbeeldingen en opmerkingen te beoordelen. |
| 60 | Ctrl+2 | Past de pagina aan de vensterbreedte aan. Dit maakt tekst vaak beter leesbaar, terwijl je alleen verticaal door de pagina hoeft te bewegen. |
4. PDF-XChange Editor: 20 sneltoetsen voor navigatie en paginabeheer
Deze tabel volgt de standaardcombinaties van PDF-XChange Editor versie 10 voor Windows. Sommige bewerkingen vereisen een passende licentie. Een sneltoets verandert niets aan de licentievoorwaarden; controleer de functie voordat je het definitieve document opslaat.
Documenten en navigatievensters gebruiken
| Nr. | Sneltoets | Wat doet deze sneltoets in PDF-XChange Editor? |
|---|---|---|
| 61 | Ctrl+O | Opent een bestaand document. Je kiest de PDF via het bestandsvenster en kunt daarna controleren welke lees-, annotatie- en bewerkingsfuncties beschikbaar zijn. |
| 62 | Ctrl+S | Slaat het actieve document op. Gebruik dit na ondersteunde wijzigingen, zoals opmerkingen of paginabewerkingen, wanneer je deze in het huidige bestand wilt bewaren. |
| 63 | Ctrl+Shift+S | Opent Opslaan als vanuit de documentomgeving. Daarmee bewaar je een afzonderlijke versie, bijvoorbeeld voordat je een aangepast document naar een andere persoon stuurt. |
| 64 | Ctrl+F | Zoekt tekst in het actieve document. Gebruik een herkenbaar begrip of nummer; een gescande pagina heeft voor tekstzoeken doorgaans eerst een herkenbare tekstlaag nodig. |
| 65 | Ctrl+Alt+F | Toont of verbergt het zoekvenster. Dit biedt een uitgebreider werkgebied voor zoekopdrachten en resultaten dan het compacte zoeken binnen de documentweergave. |
| 66 | Ctrl+Shift+N | Opent Ga naar pagina. Voer de gewenste pagina in om grote documenten gericht te doorlopen, bijvoorbeeld wanneer iemand naar een bepaald onderdeel verwijst. |
| 67 | Ctrl+T | Toont of verbergt het miniaturenvenster. De kleine paginavoorbeelden helpen om de documentopbouw te bekijken en de juiste pagina voor verdere bewerking te selecteren. |
| 68 | Ctrl+M | Toont of verbergt het opmerkingenvenster. Je krijgt daarmee overzicht over annotaties en feedback zonder iedere opmerking afzonderlijk op de documentpagina te moeten zoeken. |
| 69 | Ctrl+Shift+B | Voegt een bladwijzer naar de huidige pagina toe. Daarmee maak je een navigatiepunt dat een lang document gemakkelijker doorzoekbaar en bruikbaar maakt. |
| 70 | Ctrl+Shift+I | Opent de opdracht om pagina’s in te voegen. Hiermee voeg je bijvoorbeeld een aanvullende bijlage toe op een gekozen plaats in het bestaande document. |
Pagina’s aanpassen en opmerkingen tonen
| Nr. | Sneltoets | Wat doet deze sneltoets in PDF-XChange Editor? |
|---|---|---|
| 71 | Ctrl+Shift+E | Opent het extraheren van pagina’s. Daarmee haal je geselecteerde pagina’s uit het document om ze afzonderlijk te bewaren; controleer de gekozen uitvoerinstellingen. |
| 72 | Ctrl+Shift+D | Opent de opdracht om pagina’s te verwijderen. Controleer zowel de selectie als het bereik, zodat je alleen de bedoelde pagina’s uit het bestand haalt. |
| 73 | Ctrl+Shift+R | Opent het roteren van documentpagina’s. Dit past de paginaoriëntatie aan en verschilt van een tijdelijke draaiing die uitsluitend bedoeld is voor de schermweergave. |
| 74 | Ctrl+Shift+T | Opent het bijsnijden van pagina’s. Hiermee verander je het zichtbare paginagebied; gebruik een echte redactiefunctie wanneer onderliggende gevoelige inhoud permanent moet verdwijnen. |
| 75 | Ctrl+0 | Past de actieve pagina of pagina’s volledig in het venster. Dit is handig om de algehele indeling te controleren na draaien of andere paginabewerkingen. |
| 76 | Ctrl+1 | Stelt de zoom in op 100%. Daarmee keer je terug naar een vaste zoomwaarde nadat je voor detailwerk sterk hebt ingezoomd of uitgezoomd. |
| 77 | Ctrl+2 | Past de volledige paginabreedte, inclusief witte marges, in het venster. Dit is een bruikbare leesweergave voor documenten met een normale tekstkolom. |
| 78 | Ctrl+3 | Past de zichtbare inhoud aan de breedte aan en laat witte marges buiten de berekening. Daardoor kan de tekst groter in beeld komen dan bij paginabreedte. |
| 79 | Ctrl+8 | Toont alle opmerkingen in het document. Hiermee maak je eerder verborgen feedback weer zichtbaar voordat je controleert welke correcties of vragen nog openstaan. |
| 80 | Ctrl+Shift+8 | Verbergt alle opmerkingen in de documentweergave. De annotaties worden hierdoor niet verwijderd; je bekijkt tijdelijk een rustiger documentbeeld zonder hun zichtbare markeringen. |
5. Apple Voorvertoning: 20 sneltoetsen voor PDF’s op de Mac
Deze combinaties gelden voor Voorvertoning op macOS. De app ondersteunt lezen, formulieren en markeringen, maar is geen volledige teksteditor voor oorspronkelijke PDF-inhoud. Controleer bij afwijkend gedrag de sneltoets naast de opdracht in de menubalk.
Bestanden beheren en tekst terugvinden
| Nr. | Sneltoets | Wat doet deze sneltoets in Voorvertoning? |
|---|---|---|
| 81 | Command+O | Opent de bestandskeuze. Selecteer de PDF die je wilt bekijken of annoteren; Voorvertoning kan daarnaast afbeeldingen openen, maar deze tabel richt zich op PDF-documenten. |
| 82 | Command+S | Slaat het document op. Denk aan toegevoegde markeringen of ingevulde gegevens; houd er rekening mee dat macOS wijzigingen ook automatisch kan bewaren. |
| 83 | Command+P | Opent het afdrukvenster voor de huidige PDF. Kies onder meer pagina’s en schaal, of gebruik de beschikbare PDF-opties in het afdrukvenster. |
| 84 | Command+C | Kopieert geselecteerde tekst of een geselecteerd gebied naar het klembord. Of tekst selecteerbaar is, hangt af van de documentinhoud en eventuele beveiligingsbeperkingen. |
| 85 | Command+F | Activeert zoeken in de PDF. Gebruik dit bijvoorbeeld om een naam of afspraak terug te vinden; de zoekbaarheid hangt af van de beschikbare tekstherkenning. |
| 86 | Command+G | Gaat naar de volgende overeenkomst van de zoekterm. Daarmee loop je de gevonden passages door zonder de zoekopdracht telkens opnieuw te hoeven starten. |
| 87 | Command+Shift+G | Gaat naar de vorige overeenkomst van de zoekterm. Dit helpt wanneer je een relevante passage bent gepasseerd en nog even wilt terugkijken. |
| 88 | Command+Z | Maakt een ondersteunde eerdere bewerking ongedaan, zoals een verkeerd geplaatste markering. Welke acties beschikbaar blijven, hangt af van de bewerking en de documentsessie. |
| 89 | Command+Shift+Z | Voert een ongedaan gemaakte bewerking opnieuw uit. Gebruik dit wanneer je een wijziging hebt teruggedraaid, maar daarna besluit die aanpassing toch te behouden. |
| 90 | Command+W | Sluit het actieve documentvenster of tabblad. Dit verwijdert het bestand niet en sluit ook niet automatisch alle andere PDF’s die in Voorvertoning geopend zijn. |
Pagina’s bekijken en markeringen bereikbaar maken
| Nr. | Sneltoets | Wat doet deze sneltoets in Voorvertoning? |
|---|---|---|
| 91 | Option+Pijl-omlaag | Gaat naar de volgende pagina. Dit is handig wanneer je een PDF pagina voor pagina wilt nalopen zonder met het trackpad door de inhoud te scrollen. |
| 92 | Option+Pijl-omhoog | Gaat naar de vorige pagina. Je kunt daarmee snel terugkijken naar informatie op de voorgaande pagina terwijl je een tekst of formulier controleert. |
| 93 | Control+Tab | Activeert het volgende tabblad wanneer documenten in tabbladen zijn geopend. Dit helpt bij het vergelijken van verschillende PDF’s binnen hetzelfde Voorvertoning-venster. |
| 94 | Control+Shift+Tab | Activeert het vorige documenttabblad. Je beweegt daarmee in de andere richting door geopende PDF’s, bijvoorbeeld tussen een origineel en een aangepaste versie. |
| 95 | Command+Control+F | Schakelt de volledige schermweergave in of uit. De PDF krijgt meer ruimte, wat prettig kan zijn bij geconcentreerd lezen of het bekijken van grote pagina’s. |
| 96 | Command+Plusteken (+) | Zoomt in op de PDF. Dit vergroot de schermweergave van kleine tekst of details zonder de inhoud of het opgeslagen paginaformaat te wijzigen. |
| 97 | Command+Minteken (-) | Zoomt uit op de PDF. Gebruik dit om meer van een pagina tegelijk te bekijken en de plaatsing van tekst, afbeeldingen of markeringen te beoordelen. |
| 98 | Command+0 | Toont de pagina op werkelijke grootte volgens de weergave van Voorvertoning. Dit is een vaste referentieweergave; de fysieke schermgrootte blijft afhankelijk van je scherminstellingen. |
| 99 | Command+9 | Past de documentweergave aan zodat de pagina in het venster past. Je krijgt daarmee snel weer overzicht nadat je een detail sterk hebt uitvergroot. |
| 100 | Command+Shift+A | Toont of verbergt de markeringsknoppenbalk. Van daaruit bereik je beschikbare hulpmiddelen voor onder meer teksttoevoegingen, vormen en ondertekening, afhankelijk van het document. |
Welke PDF-sneltoetsen leer je het beste eerst?
Begin met zoeken, de volgende en vorige pagina, inzoomen en opslaan. Die opdrachten komen bij vrijwel ieder PDF-document van pas. Voeg daarna de gereedschappen toe die je dagelijks gebruikt, zoals markeren, een notitie plaatsen of pagina’s invoegen.
Maak onderscheid tussen lezen, annoteren en de oorspronkelijke inhoud bewerken. Een tekstvak boven op een pagina verandert de bestaande tekst niet. Ook opmerkingen verbergen en pagina’s bijsnijden verwijderen de onderliggende inhoud niet automatisch.
De belangrijkste punten om te onthouden
- Gebruik de juiste programmatabel: dezelfde combinatie kan in een andere PDF-toepassing iets anders doen.
- Controleer documentrechten en licentie: een sneltoets maakt een niet-beschikbare bewerking niet alsnog mogelijk.
- Let op de actieve selectie: tekst, opmerkingen, formulieren en paginaminiaturen hebben verschillende opdrachten.
- Onderscheid weergave van verwijdering: verbergen of bijsnijden is niet hetzelfde als informatie permanent verwijderen.
- Bewaar belangrijke bewerkingen bewust: maak zo nodig een afzonderlijke versie voordat je pagina’s of oorspronkelijke inhoud aanpast.
